Direct naar inhoud
Pijnmechanismen

Ischias in de heup: is het je zenuw of je heup zelf?

Snel antwoord

Ischias in de heup is een rugprobleem dat je in je heup voelt. Een geprikkelde zenuwwortel in je onderrug stuurt pijn langs de ischiaszenuw naar bil, buitenkant heup en been; je heupgewricht zelf is er niet bij betrokken. Vier andere aandoeningen geven een verwarrend vergelijkbaar beeld: heupartrose, een ontstoken slijmbeurs op de heupknobbel, het piriformissyndroom en het SI-gewricht. Waar je pijn precies zit, hoe ver hij uitstraalt en welke beweging hem uitlokt, maken het onderscheid. Blijkt het gewricht zelf de bron, dan lees je verder bij slijtage van het heupgewricht.

Redelijk bewijs

Educatief, vervangt geen medisch advies. Deze pagina helpt je een patroon herkennen, maar stelt geen diagnose.

Let op deze klachten.

Bel direct je huisarts. Buiten kantooruren: de huisartsen-spoedpost.
Zeg erbij welke van deze klachten je hebt. De huisarts beoordeelt met spoed en
schakelt zelf verder, ook een ambulance, als dat nodig is.

Let ook op verandering. Zijn deze klachten nieuw, of zijn ze in de afgelopen weken
tot maanden erger geworden en loop je daardoor slechter? Dat is een reden om te
bellen, ook als je een deel van deze klachten al langer hebt.

  • Je hebt opeens minder kracht in je been. Op je tenen of hakken staan lukt niet meer.
  • Je hebt een doof gevoel bij je penis of vagina en anus.
  • Je kunt niet meer plassen.
  • Je kunt je urine of ontlasting niet meer ophouden.

Bron: Thuisarts.nl, “Ik heb een rug-hernia” (NHG en FMS).

Dit kan wijzen op het cauda-equinasyndroom, beknelling van de zenuwbundel onderin het wervelkanaal. Dat is een neurochirurgisch noodgeval; de huisarts beoordeelt met spoed en verwijst zo nodig door naar de neuroloog. De signalen komen van de NHG-publieksversie op Thuisarts.nl.


Wat je hieruit mag onthouden

Dit hoort niet te wachten
Dit hoort niet te wachten · Bron: Thuisarts.nl, “Ik heb een rug-hernia” (NHG en FMS)
Tekst bij deze plaat

Alarmkaart met een route: bel direct je huisarts, buiten kantooruren de huisartsen-spoedpost, en zeg erbij welke van deze klachten je hebt. De huisarts beoordeelt met spoed en schakelt zelf verder, ook een ambulance als dat nodig is. De vier klachten: je hebt opeens minder kracht in je been en op je tenen of hakken staan lukt niet meer; je hebt een doof gevoel bij je penis of vagina en anus; je kunt niet meer plassen; je kunt je plas of poep niet meer ophouden. Let ook op verandering: zijn deze klachten nieuw, of zijn ze in de afgelopen weken tot maanden erger geworden en loop je daardoor slechter, dan is dat ook een reden om te bellen. Dit kan wijzen op het cauda-equinasyndroom, beknelling van de zenuwbundel onderin het wervelkanaal. Bron: Thuisarts.nl, ‘Ik heb een rug-hernia’ (NHG en FMS).

  • Behandeling van het heupgewricht komt bij ischias niet bij de bron: het probleem zit in je rug, ook al voel je het in je heup.
  • Vijf beelden overlappen in de heupstreek. De plek van je pijn en de vraag of hij onder de knie komt, scheiden ze het snelst.
  • Losse handgrepen die een fysiotherapeut gebruikt, zijn op zichzelf zwakke tests. Kom je zonder duidelijke uitslag thuis, dan past dat bij wat bekend is over deze tests.
  • Bewegen is bij vrijwel al deze beelden de eerste stap. Bij artrose doet oefentherapie daarbij niet onder voor pijnstillers [REDELIJK].

Begrijpen: waarom een rugprobleem in je heup voelbaar is

Je voelt het in je heup, dus zoek je op “heuppijn”. Dat is logisch en het is vaak het verkeerde spoor, want de plek waar het pijn doet en de plek waar het probleem zit, zijn hier twee verschillende plekken.

De ischiaszenuw is de dikste zenuw van je lichaam. Hij ontstaat uit zenuwwortels onderin je rug, ter hoogte van de onderste lendenwervels en het heiligbeen. Vandaar loopt hij achter je heupgewricht langs, meestal onder de piriformisspier door, naar de achterkant van je bovenbeen.

Die route verklaart de verwarring. Raakt zo’n zenuwwortel geprikkeld, bijvoorbeeld door een uitpuilende tussenwervelschijf, dan voel je dat niet op de plek van het probleem. Je voelt het in het gebied dat die wortel bedient, en dat gebied loopt over je bil en de buitenkant van je heup naar beneden. Je heupgewricht zelf, het kogelgewricht in je lies, is er niet bij betrokken.

Dat is meteen het onderscheid dat je het verst brengt. Een geïrriteerde zenuw straalt uit tot voorbij je knie. Een versleten heupgewricht doet dat zelden. Heupartrose geeft juist pijn in je lies en aan de voorzijde, soms tot in je knie, en vrijwel nooit in je voet. Kun je die ene vraag beantwoorden, dan heb je de twee grootste kandidaten al uit elkaar.

Je zenuw kan ook ná de wervelkolom bekneld raken, in de diepe bilspierregio. Dat maakt dit gebied extra lastig: het verklaart waarom een schone rugfoto je klacht niet wegneemt. Die beknelling in de bilregio heeft een eigen naam gekregen, deep gluteal syndrome, en wordt in de literatuur omschreven als zenuwbeknelling buiten de tussenwervelschijf om (Kizaki, 2020). Het geeft pijn achter in je heup die op ischias lijkt zonder dat er iets met een discus mis is (Park, 2020). Geen bewijslabel: dit beschrijft een ziektebeeld en is geen uitspraak over een behandeling.


Herkennen: vijf beelden die op elkaar lijken

Vijf aandoeningen, één grens: de knie
Vijf aandoeningen, één grens: de knie
Tekst bij deze plaat

Vijf aandoeningen als reikwijdtebanden op een gedeelde lichaamsas van onderrug via bil, heup en lies en bovenbeen naar onderbeen en voet, met de knie als gestippelde grenslijn dwars over alle banden. Ischias loopt van de onderrug via bil en buitenkant heup naar het been en komt als enige vaak tot onder de knie. Heupartrose zit in lies en voorzijde heup, komt soms tot in de knie en vrijwel nooit in de voet. De slijmbeursontsteking op de heupknobbel zit precies op het botuitsteeksel, stekend bij druk. Het piriformissyndroom zit diep in de bil en trekt soms naar het bovenbeen, meestal niet tot in de voet. Het SI-gewricht geeft pijn laag in de rug net naast het midden, over de bilplooi. Per aandoening staat erbij wat hem uitlokt: zitten, bukken, hoesten en niezen bij ischias; lopen, opstaan uit een stoel en in- en uitstappen bij heupartrose; op de zij liggen, traplopen en lang staan bij de slijmbeurs; lang zitten, autorijden en hardlopen bij het piriformissyndroom; draaien in bed, één been belasten en opstaan bij het SI-gewricht. Naar de vergelijkingstabel in dit artikel.

Loop de tabel langs met je eigen week in gedachten en niet met de vraag welk hokje het beste klinkt. Ze is bedoeld als richting en niet als eindoordeel, omdat combinaties van kenmerken meer zeggen dan één enkel kenmerk.

Aandoening Waar de pijn zit Hoe hij voelt Wat hem uitlokt
Ischias Van onderrug via bil en buitenkant heup naar been, vaak tot onder de knie Brandend, scherp, soms tintelend of doof Zitten, bukken, hoesten, niezen
Heupartrose Lies en voorzijde heup, soms tot in de knie, niet in de voet Dof, zeurend, ochtendstijfheid die binnen een halfuur zakt Lopen, opstaan uit een stoel, in- en uitstappen
Slijmbeursontsteking heupknobbel Buitenkant heup, precies op het botuitsteeksel Stekend bij druk Op die zij liggen, traplopen, lang staan
Piriformissyndroom Diep in de bil, soms naar het bovenbeen, meestal niet tot in de voet Krampend, vol gevoel in de bil Lang zitten, autorijden, hardlopen
SI-gewricht Lage rug net naast het midden, over de bilplooi Dof en lokaal Draaien in bed, één been belasten, opstaan

Wat de tests wel en niet kunnen

De handgrepen waarmee deze beelden uit elkaar worden gehaald, zijn stuk voor stuk zwakker dan hun bekendheid doet vermoeden.

Voor ischias is de proef van Lasègue de bekendste: je ligt op je rug en je gestrekte been wordt opgetild. Los gebruikt zegt die test weinig. Hij hoort naast je verhaal en de rest van het onderzoek te staan en niet ervoor in de plaats. Kwam er geen duidelijk antwoord uit, dan past dat bij wat bekend is over deze proef: de onderzoeken ernaar spreken elkaar tegen. Ook strakke hamstrings kunnen bij de test pijn geven (Scaia, 2012).

Voor de slijmbeurs op de heupknobbel is drukken op het botuitsteeksel het meest bruikbare enkele kenmerk. De overige handgrepen presteren zwakker en werken beter in combinatie dan los (Kinsella, 2024). [REDELIJK]

Voor het SI-gewricht is het beeld het duidelijkst. Losse handgrepen die de beweeglijkheid beoordelen, zijn onvoldoende betrouwbaar (Ribeiro, 2021). Een reeks tests achter elkaar werkt wél: zijn er drie of meer positief, dan is de kans op SI-pijn een stuk groter (Saueressig, 2021). [REDELIJK]

Voor het piriformissyndroom ligt het lastiger. Vier dingen omschrijven het beeld het beste: pijn in je bil, erger worden bij zitten, gevoeligheid bij drukken op de bil, en meer pijn als je de spier aanspant (Hopayian, 2018).

Wat je daarbij moet weten: er bestaat geen algemeen aanvaarde manier om dit vast te stellen, waardoor artsen het onderling niet eens zijn over de aandoening. Krijg je hier geen duidelijke diagnose, dan past dat bij het ontbreken van vaste criteria. Dat is geen reden om het gesprek op te geven, wel om een uitslag als richting te lezen en niet als vonnis.

Drie vragen die je zelf kunt beantwoorden

De tabel hierboven werkt het best als je hem in deze volgorde langsloopt. Elke vraag haalt er beelden af, en na drie vragen houd je er meestal nog één of twee over. Dat is geen diagnose, maar wel het verschil tussen “ergens pijn in mijn heup” en een gesprek waarin je gericht iets vraagt.

Vraag 1: komt de pijn onder je knie? Zo ja, dan staat ischias vooraan en vallen heupartrose en de slijmbeurs vrijwel af. Zo nee, dan blijven alle vijf in beeld, want ischias hoeft niet altijd zo ver te komen.

Vraag 2: kun je de pijnlijke plek aanwijzen met één vinger? Kun je dat, en zit die plek precies op het botuitsteeksel aan de buitenkant van je heup, dan wijst dat richting de slijmbeurs. Zit hij in je lies, dan richting het heupgewricht. Kun je hem juist niet aanwijzen omdat het diep in je bil zit, dan blijven het piriformissyndroom en ischias over.

Vraag 3: wat maakt hem erger, zitten of lopen? Wordt hij erger van zitten, autorijden en hoesten, dan wijst het beeld naar een zenuw. Wordt hij erger van lopen, opstaan uit een stoel en in- en uitstappen, dan wijst dat naar het gewricht. Wordt hij erger van draaien in bed of van op één been staan, dan komt het SI-gewricht in beeld.

Wat je met de uitkomst doet. Neem je antwoorden mee naar je afspraak, in gewone woorden en in deze volgorde. Een huisarts of fysiotherapeut heeft meer aan “het trekt tot in mijn kuit en wordt erger in de auto” dan aan “ik denk dat het ischias is”. Het eerste stuurt zijn onderzoek, en het tweede kost je alleen tijd wanneer het niet klopt.

En wanneer je er niet uit komt. Dat is geen falen van deze lijst. Bij een deel van de mensen spelen twee beelden tegelijk. Wie in de tabel drie beelden herkent, heeft daarmee geen slecht antwoord maar een reëel antwoord.


Beïnvloeden: wat er bekend is over wat helpt

Blijf bewegen, ook als het niet vanzelf gaat. Dat advies keert bij al deze beelden terug, al klinkt het weinig geloofwaardig wanneer bewegen pijn doet. Bij artrose is het bovendien het best onderbouwd: bij knie- en heupartrose deed oefentherapie op pijn en functie niet onder voor ontstekingsremmers en paracetamol [REDELIJK] (Weng, 2023).

Dat is geen belofte dat je pijnvrij wordt. Het betekent wel dat de veiligste optie hier niet de zwakste is: met bewegen beginnen kost je geen mogelijkheden die je anders had gehad.

Hoeveel oefening is genoeg? Volhouden weegt zwaarder dan intensiteit: dat is het geruststellend nuchtere antwoord uit het onderzoek. Op deze vraag lopen de meeste mensen stuk, meestal doordat ze te zwaar beginnen en na twee weken stoppen.

In een meta-analyse is onderzocht of de omvang, duur en trouw aan het programma het resultaat bepalen bij knie- en heupartrose. Hogere trainingsvolumes leverden geen duidelijk groter effect op [REDELIJK] (Marriott, 2024). Een analyse op individuele deelnemersdata kwam tot een vergelijkbare conclusie: er zijn weinig kenmerken die betrouwbaar voorspellen wie meer of minder baat heeft (Holden, 2023). Praktisch mag je daaruit halen dat een licht programma dat je een halfjaar volhoudt meer oplevert dan een zwaar programma dat je drie weken doet.

Bij de slijmbeurs op de heupknobbel blijkt uit een meta-analyse van gerandomiseerde studies dat oefentherapie beter presteert dan afwachten of niets doen [REDELIJK] (Kjeldsen, 2024). Een eerdere systematische review naar conservatieve behandelingen kwam tot dezelfde richting, met de kanttekening dat de onderzochte programma’s sterk uiteenlopen (Barratt, 2017). Die spreiding betekent dat “oefeningen doen” hier geen recept is maar een richting. Het loont dus om te vragen waaróm je fysiotherapeut juist deze oefening kiest.

Praktisch, voor de heupstreek:

  • Lang stilzitten lokt bij ischias vaak pijn uit. Sta elk halfuur even op, ook al is het maar een minuut.
  • Ligt je pijn aan de buitenkant van je heup, dan is op die zij slapen meestal de boosdoener. Een kussen tussen je knieën haalt de druk eraf.
  • Volledige bedrust hoort er niet bij. Korte rustmomenten wel.
  • Bespreek oefeningen met een fysiotherapeut. Welke oefening past, hangt af van welk van de vijf beelden speelt, en dat verschilt wezenlijk per beeld.

Structureren: wanneer je naar de huisarts gaat

Naast de alarmsignalen boven aan dit artikel zijn er klachten die geen spoed hebben en wel beoordeling vragen. Daarvoor bel je ook je huisarts, maar dat kan wachten tot een werkdag.

Bel op werkdagen je huisarts in één van deze situaties:

  • Je bent gevallen en hebt daarna pijn in je onderrug.
  • De pijn in je onderrug is na 1 maand nog niet minder geworden.
  • Je hebt kanker of hebt kanker gehad. En je hebt pijn in je onderrug.
  • Je bent kleiner of krommer geworden. En je hebt pijn in je rug.

Bel op werkdagen je huisarts voor advies of maak een afspraak in deze situaties:

  • Je blijft erge pijn houden, terwijl je de juiste en genoeg pijnstillers gebruikt.
  • Je hebt na een paar weken nog steeds veel pijn. En je kunt daardoor niet goed de dingen doen die je elke dag doet, zoals het huishouden of je werk.

Bronnen: Thuisarts.nl, “Ik heb pijn in mijn onderrug” en “Ik heb een rug-hernia” (NHG).

Krachtsverlies in één been dat toeneemt staat niet in deze lijsten, omdat het bij het kader boven aan dit artikel hoort: bel dan direct je huisarts, buiten kantooruren de huisartsen-spoedpost. Nachtelijke pijn die niet zakt als je gaat liggen, staat er ook niet in. Je huisarts weegt die mee bij zijn onderzoek, dus noem hem wel als je bij je huisarts komt.

Twee dingen die je uitslag relativeren

Staat er artrose op je foto, dan is dat nog niet het hele verhaal. Dat werkt in jouw voordeel.

Eén: een diagnose op beeld zegt weinig over je pijn. Je leest overal hoeveel mensen heupartrose hebben. Die getallen lopen sterk uiteen doordat onderzoekers verschillend tellen. Wie afgaat op de röntgenfoto komt veel hoger uit dan wie criteria gebruikt waarin pijn meetelt (Fan, 2023). Dat de ernst op de foto en de ernst van de pijn bij artrose niet gelijk oplopen, was voor onderzoekers zelfs de aanleiding om naar andere pijnmechanismen te zoeken (French, 2017). Te horen krijgen dat je artrose hebt, zegt dus op zichzelf weinig over hoeveel pijn daarbij hoort.

Twee: de twee categorieën sluiten elkaar niet uit. Een flink deel van de mensen met knie- of heupartrose heeft óók kenmerken van zenuwpijn: branderig, tintelend, elektrisch (French, 2017). Herken je in beide rijtjes uit de tabel iets, dan is dat geen tegenstrijdigheid. Het is ook geen teken dat je je klacht verkeerd beschrijft. Het komt vaker voor dan je denkt, en daarom geeft één test hier zelden het antwoord.


Beperkingen van dit artikel

Dit artikel is een synthese van onderzoek en geen diagnose. De diagnostische tests die hier worden genoemd, zijn stuk voor stuk zwakker dan hun bekendheid doet vermoeden; ze horen in de handen van iemand die het hele beeld ziet. Het piriformissyndroom mist een aanvaarde diagnostische standaard, waardoor de bronnen daarover navenant zijn. En de cijfers over hoe vaak deze beelden voorkomen, lopen tussen studies sterk uiteen doordat definities verschillen.

Foutje gevonden? Mail naar feedback@sustiro.com en de correctie staat er binnen 5 werkdagen.


Veelgestelde vragen

Hoe weet ik of het ischias is of mijn heup?
De kortste vuistregel: ischias straalt uit tot voorbij je knie en verergert bij zitten, hoesten of niezen. Heupartrose zit in je lies en aan de voorzijde, verergert bij lopen en opstaan, en komt zelden onder je knie. Bij twijfel telt de combinatie van kenmerken zwaarder dan één ervan.
Kan ischias-heuppijn vanzelf overgaan?
Bij veel mensen worden de klachten in de eerste weken tot maanden minder. Wat je in de tussentijd doet, bepaalt vooral hoe goed je blijft functioneren. Dat deel heb je zelf in handen.
Wat mag ik niet doen?
Er is geen lijst met verboden bewegingen die voor iedereen geldt. Wat wel breed wordt afgeraden, is volledige bedrust en langdurig stilzitten.
Helpt een injectie?
Dat hangt af van welk beeld speelt. Die keuze maak je samen met je arts. ---

Bronnen

  1. Scaia V, Baxter D, Cook C (2012). The pain provocation-based straight leg raise test for diagnosis of lumbar disc herniation, lumbar radiculopathy, and/or sciatica: a systematic review of clinical utility. J Back Musculoskelet Rehabil. PMID: 23220802 · · [Systematische review] bron
  2. Kinsella R, Semciw AI, Hawke LJ et al. (2024). Diagnostic Accuracy of Clinical Tests for Assessing Greater Trochanteric Pain Syndrome: A Systematic Review With Meta-analysis. J Orthop Sports Phys Ther. PMID: 37561820 · · [Meta-analyse] bron
  3. Saueressig T, Owen PJ, Diemer F et al. (2021). Diagnostic Accuracy of Clusters of Pain Provocation Tests for Detecting Sacroiliac Joint Pain: Systematic Review With Meta-analysis. J Orthop Sports Phys Ther. PMID: 34210160 · · [Meta-analyse] bron
  4. Ribeiro RP, Guerrero FG, Camargo EN et al. (2021). Validity and Reliability of Palpatory Clinical Tests of Sacroiliac Joint Mobility: A Systematic Review and Meta-analysis. J Manipulative Physiol Ther. PMID: 33896601 · · [Meta-analyse] bron
  5. Hopayian K, Danielyan A (2018). Four symptoms define the piriformis syndrome: an updated systematic review of its clinical features. Eur J Orthop Surg Traumatol. PMID: 28836092 · · [Systematische review] bron
  6. Kizaki K, Uchida S, Shanmugaraj A et al. (2020). Deep gluteal syndrome is defined as a non-discogenic sciatic nerve disorder with entrapment in the deep gluteal space: a systematic review. Knee Surg Sports Traumatol Arthrosc. PMID: 32246173 · · [Systematische review] bron
  7. Park JW, Lee YK, Lee YJ et al. (2020). Deep gluteal syndrome as a cause of posterior hip pain and sciatica-like pain. Bone Joint J. PMID: 32349600 · · [Systematische review] bron
  8. Kjeldsen T, Hvidt KJ, Bohn MB et al. (2024). Exercise compared to a control condition or other conservative treatment options in patients with Greater Trochanteric Pain Syndrome: a systematic review and meta-analysis of randomized controlled trials. Physiotherapy. PMID: 38295551 · · [Meta-analyse] bron
  9. Barratt PA, Brookes N, Newson A (2017). Conservative treatments for greater trochanteric pain syndrome: a systematic review. Br J Sports Med. PMID: 27834675 · · [Systematische review] bron
  10. Weng Q, Goh SL, Wu J et al. (2023). Comparative efficacy of exercise therapy and oral non-steroidal anti-inflammatory drugs and paracetamol for knee or hip osteoarthritis: a network meta-analysis of randomised controlled trials. Br J Sports Med. PMID: 36593092 · · [Meta-analyse] bron
  11. Marriott KA, Hall M, Maciukiewicz JM et al. (2024). Are the Effects of Resistance Exercise on Pain and Function in Knee and Hip Osteoarthritis Dependent on Exercise Volume, Duration, and Adherence? A Systematic Review and Meta-Analysis. Arthritis Care Res. PMID: 38317328 · · [Meta-analyse] bron
  12. Holden MA, Hattle M, Runhaar J et al. (2023). Moderators of the effect of therapeutic exercise for knee and hip osteoarthritis: a systematic review and individual participant data meta-analysis. Lancet Rheumatol. PMID: 38251550 · · [Meta-analyse] bron
  13. Fan Z, Yan L, Liu H et al. (2023). The prevalence of hip osteoarthritis: a systematic review and meta-analysis. Arthritis Res Ther. PMID: 36991481 · · [Meta-analyse] bron
  14. French HP, Smart KM, Doyle F (2017). Prevalence of neuropathic pain in knee or hip osteoarthritis: A systematic review and meta-analysis. Semin Arthritis Rheum. PMID: 28320529 · · [Meta-analyse] bron
  15. Van alle bronnen zijn PMID en DOI nagekeken
Ronald de Jong
Oprichter & redacteur · Sustiro

Ordent peer-reviewed onderzoek tot bewijs-gegradeerde uitleg. Geen medische professional; Sustiro is evidence-based en science-led, niet medisch-gereviewd. Lees onze werkwijze →

De informatie in dit artikel is educatief en vormt geen medisch advies. Bespreek bloeduitslagen en risicofactoren altijd met je huisarts of een bevoegd zorgverlener.